Behoud van groen
Versterken en deels herstellen van de herkenbaarheid van de landgoederenzone op de strandwal
De strandwal vormt de occupatie-as van het landschap, hier vandaan is het land ontgonnen. Al in de 17e eeuw ontstonden op de strandwal buitenplaatsen en landgoederen. Deze bepalen tot op de dag van vandaag het karakter van de strandwal. Aan de strandvlakte grenst bijvoorbeeld het landgoed Persijn. Historische kaarten tonen meer rudimenten van landgoederen; omkaderde weiden die verdwenen zijn, landgoederen die gedecimeerd zijn en watergangen die zijn opgegaan in de polderstructuur. Met de ontwikkeling van de golfbaan wordt voorgesteld landgoed Persijn weer terug te brengen. Hiertoe wordt de opvaart van het landgoed (zie kaart van 1611) hersteld. Op de locatie van het landgoed Persijn zou een landschappelijk concept ontwikkeld kunnen worden om een nieuw landgoed te bouwen. De flank van de golfbaan zou een prachtige locatie bieden voor de ontwikkeling van een woonmilieu met bijzondere allure. De rand van de landgoederenzone/de strandwal wordt ‘ontrommeld’. Dit wordt vormgegeven door het toevoegen van beplantingen, toeven rododendrons en herstel van sloten met natuurvriendelijke oevers. In deze strook worden ook de randbeplanting hersteld die vroeger nog onderdeel vormde van het ruimtelijke beeld. Daarnaast worden de lanen die vanaf de strandwal haaks op de strandvlakte aanvoeren waar mogelijk hersteld en verlengd. Deze dragen zorg voor een ruimtelijke verankering tussen de strandwal en de strandvlakte. De strandwal en de landgoederenzone wordt begrensd door de Veenwetering. Langs deze wetering worden natuurvriendelijke oevers gemaakt.
Versterken van het coulisselandschap langs de spoorlijn
Langs de spoorlijn is een landschappelijke zone gemaakt. Deze zone is een uitloper van het landschap dat ontstaan is in de omgeving van de Horsten. Ingrediënten voor de zone zijn bospercelen van els, berk en wilg. Bossen die horen bij vochtige gronden. Dit landschap levert een prachtig beeld op en past de spoorlijn en de achterliggende bebouwing landschappelijk goed in. Dit bestaande landschappelijke beeld wordt verder doorgezet en versterkt door het toevoegen van extra bosstroken en open water. Tevens wordt de zone toegankelijk gemaakt waardoor deze kan gaan functioneren als uitloopgebied voor Leidschendam. Met het toevoegen van extra wateroppervlakte wordt de ruimte voor waterberging vergroot. Deze zone kent een natuurlijke begrenzing in de Schenkwetering. De oevers van de Schenkwetering worden natuurvriendelijk ingericht.
Versterken van de landschappelijke hoofdrichting
Tussen beide weteringen, Veenwetering en de Schenkwetering, ligt het polderland. Een open, langgerekt landschap, met een sterke ritmiek aan sloten die haaks op de weteringen staan. De sloten weerspiegelen het zonlicht. Het systeem van brede weteringen met daarop de ritmiek aan lange waterlinten vormt de onderlegger voor het te ontwikkelen golflandschap. Het golflandschap wordt enerzijds gestructureerd door de watergangen die de langgerektheid van het landschap benadrukken, anderzijds door de tussengelegen 'landschappelijke voegen', de velden waar niet gegolfd wordt en waar de natuur richtinggevend is.